Vandaag geen sneeuw en geen tropische hitte. Alle reden om naar buiten te gaan? Nee! Juist vandaag is het weer zo onbetekenend. Duik daarom in die boeken vol storm en voel de wind in je nek. Lees over de heetste landen en laat het zweet uitbreken.
| 19° | |





Na de oorlog, in september 1945, ging Campert aan het Amsterdams Lyceum het gymnasium volgen. In de schoolkrant verzorgde hij een eigen rubriek en een strip. In de loop der jaren liet hij zich steeds minder op school zien. Hij bracht zijn tijd door in de bioscoop (soms zag hij vier films op een dag), in jazzclubs en in cafés. Na het grote besluit schrijver te worden, verliet hij de school.
Met Rudy Kousbroek, ook op het Amsterdams Lyceum, richtte hij het tijdschrift 'Braak' op waarvan in 1950 het eerste nummer verscheen. Zij begonnen het blaadje vanuit de ambitie 'een blaadje te maken zoals een andere jongen postkantoortje speelt'.
In Parijs hoofdstad trachtte hij op straat zijn in 25 exemplaren gemaakte bundeltje 'Ten lessons with Timothy' te verkopen.
In de jaren zeventig publiceerde hij nauwelijks nieuw werk. Aan het eind van die periode zei hij daarover: 'Jarenlang heb ik bijna niet kunnen schrijven. Ik had er geen zin meer in. Tegen het schrijven voelde ik een fysieke afkeer. Ik dacht er wel aan, maar ik werd geteisterd door een verlammende twijfel.' Vanaf 1979 schreef hij weer, o.a. in 1985 het Boekenweekgeschenk ('Somberman's actie'). Van1989 tot 1995 trad Campert met Jan Mulder op in het theater.
Campert is drie keer getrouwd en gescheiden: met Freddie Rutgers, Fritzi ten Harmsen van der Beek, Lucia van den Berg, Deborah Wolf. Hij zei over samenleven:
'Ik benauw mezelf niet. Ik ben goed gezelschap voor mezelf. Wanneer ik met iemand samenwoonde, bleef ik dagenlang onder water. Samenzijn is dubbel-alleenzijn en daaraan heb ik geen behoefte. Het schrijverschap en ik hebben een heel gelukkig huwelijk.'
Debuut: Vogels vliegen toch (1951, poëzie)
“Een chaotisch verhaal, maar Campert heeft op handige wijze meer eenheid in het verhaal weten te brengen dan oppervlakkig lijkt.”
Hans van Straten (Het Vrije Volk, 16-12-1961)
“Geraffineerd geschreven en opgebouwd, volmaakt van sfeergeving en beschrijving van het milieu dat het zijne is, trefzeker van soms overrompelde humor.”
Max Nord (Het parool, 02-12-1961)

Panda: Wat noem jij geweldig?
Mees: Wat noem jij geweldig?
Wat noem ik geweldig?
Panda: Ik vind het park geweldig.
Panda: Zomaar lopen en kijken. Ook als het regent.
Panda: Ik ben erg romantisch.
Toiletjuffrouw: God weet dat het leven zwaar genoeg is
Panda: Tsja…
Toiletjuffrouw: Het leven is een onontwarbare kluwen
Panda: Wat breit u eigenlijk?
Toiletjuffrouw: Kind dat is een lang verhaal, een fantastisch verhaal.
Panda: begint u er dan maar niet aan
Panda: Ik heb een hekel aan fantastische vertellingen. Sprookjes, dromen, saai-jans-fiction, de hele boel kan me gestolen worden.
Toiletjuffrouw: Waarom, meisje?
Panda: het dagelijkse leven is al fantastisch genoeg
Toiletjuffrouw: waar haal je die onzin vandaan? Straks ga je nog zeggen dat de werkelijkheid fantastischer is dan een roomman.
Panda: in ieder geval levender
Juffrouw: ook dat zou ik willen bestrijden
Panda: toch heb ik gelijk
Ik druk me misschien wat ongelukkig uit, maar ik heb gelijk
Juffrouw: wat is er zo mooi aan de werkelijkheid?
Panda: Ik heb het niet over mooi, ik zei dat de werkelijkheid levender is. Ik wil geen boeken lezen. Ik wil leven
Panda: geld is erg belangrijk. Er zijn mensen die net doen alsof het ze niks kan schelen, maar zulke mensen vertrouw ik nooit. Als het waar is wat ze zeggen, leven ze maar half. Ik krijg altijd een heerlijk gevoel van binnen


1966
'Het gangstermeisje' / regie Frans Weisz. Gebaseerd op een scenario van Remco Campert.
1976
'Alle dagen feest' / vierluik geregisseerd door Ate de Jong, Otto Jongerius, Paul de Lussanet en Orlow Seunke.Gebaseerd op de verhalen 'Alle dagen feest', 'Een ellendige nietsnut', 'Hoe ik mijn verjaardag vierde' en 'Op reis'.





